Langs leegte en leven

Etappe: 3

Van: Le Bouchet-Saint-Nicolas

Naar: Langogne

Aantal km: 28

Aantal meters stijgen: 347

Aantal meters dalen: 656

Weer: zon met een straffe noordenwind


Vandaag staat er een flinke etappe op het programma: 28 kilometer. De wekker ging al om 6.00 uur, want we willen vroeg op pad. Jammer eigenlijk, want we hebben nauwelijks de tijd gehad om van het fijne vakantiehuis en de prachtige tuin eromheen te genieten.

Vanaf deze plek vervolgt ook Stevenson zijn tocht, dwars door eenzaam en glooiend natuurlandschap. Hij begint de stilte en het ritme van het lopen steeds meer te waarderen. Zijn omgang met de eigenwijze ezel Modestine blijft uitdagend, maar hij leert haar koppigheid beter te begrijpen. Onderweg ontmoet hij boeren en herders, en krijgt zo een inkijkje in het eenvoudige leven van de hooglanden.

Wij lopen in zijn voetsporen – en zijn net zo alleen. Voor en achter ons is er niemand te zien. Het fleecevest is geen overbodige luxe, want de gevoelstemperatuur is slechts 2 graden. We bevinden ons op zo’n 1.100 meter hoogte en dat merk je niet alleen aan de temperatuur. De vegetatie verraadt het ook: waar we eerder al pluizenbollen zagen, staan de paardenbloemen hier nog volop in bloei. De brem is hier nog net niet uit, de knoppen beginnen pas geel te kleuren.

Het terrein is aanvankelijk vlak, dus we kunnen meteen goed tempo maken. Zoals elke ochtend eten we rond 11 uur graag een verse pain au chocolat, en die hopen we te scoren in het eerstvolgende dorp. Twee boulangeries zouden er zijn – allebei gesloten. Gelukkig kunnen we terecht bij het plaatselijke café, waar ze wat bakkerswaar hebben overgenomen.

Tijdens deze tocht verandert het landschap. Het plateau maakt plaats voor een vriendelijk golvend, groen terrein. De noordenwind blijft stevig, dus de fleecevesten blijven nog even aan – tot het klimmen begint, dan gaan ze alsnog uit. De uitzichten zijn adembenemend. Vanaf de heuvelruggen kunnen we eindeloos ver kijken.

Na de middag dalen we af via een bergpad. Bij een bocht naar links opent zich een schitterend panorama: voor ons ligt Pradelles, een middeleeuws stadje dat – zo vertellen de borden – tot de mooiste dorpen van Frankrijk behoort. Daar kunnen wij wel inkomen.

We lunchen op een bankje, bezoeken de markante kerk en zien hoe een standbeeld van Maria over de stad uitkijkt. We nemen de tijd, want we kunnen pas om 17.00 uur terecht in ons appartement in Langogne. En na Pradelles is het nog maar anderhalf uur lopen.

Stevenson schreef dat de drukte van Langogne een scherp contrast vormde met de rust van het landschap waar hij uit vandaan kwam. En inderdaad: wanneer ook wij het stadje binnenlopen, beamen we zijn gevoel volledig. Na al die ruimte en stilte voelt Langogne bijna als een metropool!