Woensdag 31 juli
Onze tenen liggen los in de schoenen en in onze vingers zit haast geen gevoel, maar ‘man-man-man’ wat zijn we aan het genieten van de schitterende omgeving waarin we lopen!
De regenbui van gisteravond heeft de hele nacht geduurd en ook om 8 uur ’s ochtends vallen grote druppels onafgebroken in de grote plassen water die inmiddels zijn ontstaan. De temperatuur is bij een graad of 7 blijven steken en we besluiten te wachten tot 10 uur met naar buiten te gaan. Het is een mooie oefening in geduld en daar lijken de mannen totaal geen probleem mee te hebben. Ik pak er maar de breinaalden bij om de tijd te doden.
En daar gaan we dan, volledig uitgerust in onze regenpakoutfit. Het blijkt een goede beslissing te zijn geweest om te wachten, want de regen die over ons neerkomt is eigenlijk al te verwaarlozen. Het is een verademing om weg te zijn van de asfaltweg en de auto’s.

En na zo’n 7 kilometer is het dan zover… We naderen een stapel geel geschilderde stenen en we zijn in Noorwegen! Dit vieren we met een lekker pak chocolade die Manfred uit z’n tas tovert. En we zijn de gele stenen nog niet voorbij of het landschap verandert compleet: de bomen verdwijnen, het landschap opent zich en telt tientallen kleuren groen. Het is echt wonderschoon, de rotsen en keien van wit tot zwart, de mossen van geel tot gifgroen, de verschillende soorten varens en overal watervalletjes en stroompjes. Regelmatig draai ik een rondje om m’n as om dit alles in me op te nemen. En al hebben we zwaarbewolkt weer en is het ijzig koud (voor het gevoel net een paar graden boven nul), we lopen alle 3 met een grote glimlach op ons gezicht. Het landschap doet wat ruig aan, precies wat ik associeer met Noorwegen. We maken volop foto’s, maar deze zijn nog geen schijn van de werkelijkheid die wij met onze ogen waarnemen.

We komen op het hoogste punt, Høgfjellsstøtta op 650 meter, plaatsen in de kou en nattigheid zo goed als mogelijk een stempel in ons pelgrimspaspoort en tekenen het logboek dat op elke bergtop in Noorwegen aanwezig is.
Ik vond in 2022 de Dovrefjell een ongekend mooi gebied, maar misschien vind ik dit stuk nog wel mooier. Minder uitgestrekt, maar meer gevarieerd.
Vanaf de top begint een hele langgerekte afdaling en komen we steeds meer in de bossen terecht. De ons omringende bergen worden steeds hoger naarmate wij meer zakken. Je voelt jezelf steeds kleiner worden in dit massieve geheel.

Onze overnachtingsplek in Ådalsvollen is sinds juli 2023 gestart en ziet er tip top uit. We hebben hier ‘full package’, oftewel een bed, diner, ontbijt en lunch. Met een code komen we binnen in het verder verlaten pand. Het is er werkelijk heel sfeervol ingericht en in de diepvries en koelkast treffen we ons eten aan, dat we in de magnetron op kunnen warmen. Gelukkig laat de gastvrouw, Merete, zich ook nog zien, want dan heb je de kans om persoonlijk te bedanken in plaats van via het gastenboek. In het gastenboek hier treffen we overigens ook nog een aan ons gericht berichtje aan van Kristian, die nu een dag op ons voor loopt. Leuk hoe dat dit zo werkt!
Donderdag 1 augustus
De wekker staat op half 7 want we hebben een grote afstand te overbruggen tot de eerstvolgende overnachtingsmogelijkheid.
Uitgebreid ontbijten, inpakken, afwassen en alles netjes achterlaten en dan zijn we 2 uur verder. Gelukkig hebben we alle 3 geen problemen met onze langzame, maar o zo relaxte start. Om half 9 beslechten we de 1e berghelling. We kunnen ook over de (vlakkere) weg, maar Merete had ons aangeraden het mooie, hellende pad langs de beek achter hun huis te nemen. En daar is geen woord aan gelogen – het is werkelijk schilderachtig mooi, zeker met de zon die het landschap nog mooier maakt dan ze al van zichzelf is. Eenmaal boven wordt het bospad een grindpad. Op dit pad zien we verse uitwerpselen van een rendier. En ja, het bijbehorende rendier met jong laat zich zien!

Bij de picknickbank waar we onze 1e rustpauze willen houden treffen we een Nederlands echtpaar, Silvia en Coen, aan wie wij ons niet meer hoeven voor te stellen. Ze hebben lange tijd 1 dag achter ons aan gelopen en in elk gastenboek hebben ze onze naam zien staan. Bovendien zijn ze op de hoogte van onze website, dus ook Manfreds aanwezigheid is geen verrassing.

Het aantal keer dat we een waterval tegenkomen is haast niet meer te tellen. Lange tijd lopen we een pad af, waarbij rechts van ons het woeste water over de kleurrijke rotsen met ons mee dendert. De fotomomentjes zjjn talloos.
We krijgen ook 7 km snelweg voor de kiezen. Maar ook hier verzacht het hoge, rotsige berglandschap en de breed stromende rivier naast ons de “pijn” van de knoertharde ondergrond en het voorbijrazende verkeer.

Het is nu veel meer stijgen en dalen dan in Zweden en zeker de 1e 20 km is dat voor geen van ons drieën een probleem. Na de 20 km lijkt bij het stijgen alsof er iemand met een stiek aan m’n rugzak me naar beneden trekt. Goed vermoeiend, maar gelukkig treffen we net een picknickbank aan op het moment dat we het het hardst nodig hebben.
Na een kleine 32 km bereiken we de supermarkt in het plaatsje Vuku. Vijf dagen na ons laatste supermarktbezoek is precies alles wat we bij ons hebben op, op wat voorraad noten en reepjes na. We kopen in voor de komende 2 dagen en dan is het nog 1 kleine kilometer naar onze eindbestemming voor vandaag, Auskin Kreative Senter.

Dankbaar voor:
de pot Nutella bij Ådalsvollen
dat we niet gevallen zijn bij de afdalingen
elkaars gezelschap
de hartelijke ontvangst door Mona van AKS
