Lombäckstuga

Zaterdag 13 juli

Ik lig lekker in bed, doe m’n ogen open en zie dat het al licht is. Ik gok erop dat het rond half 7 is. Maar het blijkt nog maar 3 uur te zijn. Ik ga naar buiten voor de wc en zie een ongelooflijk mooi stukje natuurschoon: een gemengde lucht van roze en grijs en optrekkende mist boven het water van het meer. En verder een doodstille camping, al beginnen de kauwen zich al te roeren.

Ik denk dat ik me al wat beter voel, al is het alleen al dat ik uit mezelf wakker geworden ben. Ik besluit het leuke gordijnenpatroon maar eens te bestuderen. Ach, van IKEA. Echt alles in de Zweedse accommodaties komt hier van IKEA, van soeplepel, dekbed, gordijn tot aan het zitkrukje toe.

Ook Leo heeft heerlijk geslapen en na het ontbijt stappen we weer verder westwaarts Zweden in. Net als naar Santiago de Compostela is de leidraad makkelijk: ’s ochtends loopt je je schaduw achterna. En die schaduw is er vandaag, want de lucht is strakblauw! En dus al snel is het warm. De route begint langzamerhand – met de nadruk op langzaam – mooier te worden. We lopen een tijdje langs de rivier over een mooi, lommerrijk bospad. Zo’n pad loopt zoveel fijner dan een stuk asfalt, zeker met de (lompe) bergschoenen waarop wij lopen.

De eerste 10 km gaan goed, maar daarna krijg ik het zwaarder en zwaarder. Tijdens de tocht van 25 km moet ik verscheidene keren gaan liggen, omdat ik zo licht in m’n hoofd ben. En als ik zo in de schaduw in het gras lig voel ik me zo gelukkig, terwijl ik al lopende zo afzie. Bijzonder hoe dicht deze gevoelens bij elkaar liggen.

Het automerk Volvo bepaalt hier nog veel het straatbeeld. Vooral die modellen uit de tijd dat het zo groot en zo hoekig mogelijk moest zijn. Laag over de grond en met een zwarte walm uit de uitlaat passeren ze ons. Vaak met een brede, blonde Viking achter het stuur. De tijd lijkt daarom al hier stil te hebben gestaan. Van een elektrische auto is hier nog geen spoor te bekennen.

Wat het ook bijzonder maakt om hier te lopen is de vele kwikstaartjes die we met een golvende beweging laag boven de grond voor ons uit zien vliegen. Dat doen ze zo sierlijk. Zo licht beweeglijk als deze diertjes zijn, zo voel ik me de 2e helft van deze dagetappe niet. Gelukkig loopt Leo nog als een kievit, maar het geeft hem een machteloos gevoel om mij te zien voortstrompelen. Het zou wetenschappelijk bewezen zijn dat je nog 40% aan energie/kracht over hebt wanneer je denkt dat je bijna niet meer kunt. Ik heb geen idee waar ik die laatste krachtbron in m’n lijf kan vinden, maar het is gelukt om bij (alweer) de camping te komen, dus de theorie klopt met de praktijk!

Zondag 14 juli

‘Strength is in the struggle’ – deze tekst lees ik op de steen op het tafeltje voor onze pipowagen waarin we vandaag overnachten. Hoe toepasselijk!

In de trein naar Sundsvall ben ik veel bezig geweest met het benaderen van overnachtingsadressen. Tot op heden hebben we nog geen enkele keer nul op het request gehad, en ik denk steeds beter te begrijpen waarom: we komen geen enkele, andere pelgrim tegen. In de logboekjes die we onderweg bij de stempelposten vinden zien we wel wat namen staan deze maand, maar de meest recente dateert vaak al weer van enkele dagen terug.

De fijne camping, die – ook in het hoogseizoen – voor pelgrims een speciaal huisje beschikbaar houdt, speelt een belangrijke rol op de Olavsleden. De eerstvolgende accommodatie is namelijk 40 km verderop. Zeker zo vroeg in het traject is dat voor ons veel te vroeg om op 1 dag zo’n afstand te overbruggen. Laat staan in de conditie waarin ik me nu bevind. Er is wel een onbemande accommodatie na zo’n 16 kilometer, maar het lukt me niet om daar contact mee te leggen. Niet per e-mail (return to sender) en niet telefonisch (voicemail op z’n Zweeds). Als ik iets geleerd heb op onze lange tochten is het wel #dtv, ‘durf te vragen’. Dus nadat Anna mij de boeking voor de camping bevestigd had, toch maar weer eens een berichtje naar haar gestuurd of zij wist hoe ik beheerster Kärstin van Lombäckstugorna kon bereiken. Dat wordt moeilijk want dat vereist een lijntje naar boven… Gelukkig houdt de camping, ter nagedachtenis aan Kärstin, de accommodatie in stand. Hoe fijn!

Ik ben zienderogen opgeknapt en ons hoofdonderwerp tijdens het ontbijt bij het raam in de ontbijtzaal is dan ook het onvermogen van een wesp om het concept ‘glas’ te snappen. Volledig irrelevant en zo fijn om hier weer wat fut voor te hebben.

Vandaag trekken we dan eindelijk veel de bossen in! De huizen/boerderijen waren al dungezaaid, maar de komende 2 dagen wordt het pas echt niemandsland. De natuur is zo ongelooflijk mooi als er geen mensenhand aan te pas komt, zo divers en toch zo in evenwicht.

Na de overdosis zonneschijn van gisteren hebben we vandaag gelukkig bewolkt weer en zelfs wat regen. Dit loopt zo veel fijner!

De Olavsleden is nog jong (sinds 2013) en is nog steeds in ontwikkeling. De voorzieningen, zoals bankjes, bewegwijzering en buitentoiletten (!) zijn vaak als nieuw. Wie gedacht heeft de pelgrim een plezier te doen met een buitentoilet? Je weet niet wanneer je ze tegenkomt, dus daar kun je toch niet op lopen? Zolang je maar geen papier in de natuur achterlaat zie ik niets geen kwaads in de achterkant van een boom. Ofschoon, hier hoef je de achterkant niet per se op te zoeken, de voorkant kan ook, want we lijken hier met z’n tweeën alleen op de wereld te zijn.

Enkele keren komen we voorbij een “källa”, een waterbron waarvan het ontstaan ervan wordt toegedicht aan Olav. Zuiver en koud drinkwater!

Halverwege de middag komen we aan bij Lombäckstugorna, bestaande uit een tent, een pipowagen en een iets grotere cottage. We krijgen het cijferslot van de cottage open, maar die code blijkt niet helemaal overeen te komen met de meegegeven code. Je bent geocacher of niet [;)].

Bij de pipowagen komen we wel binnen met de meegekregen code, dus dat is de onze. Heerlijk basic: 2 bedden, 2 stoelen, een tafel en een houtkachel met fluitketel. Geen elektriciteit en geen wifi. Zulke accomodaties zijn vaak zo verrassend fijn vanwege de eenvoud! Voor de WC mogen we een eindje lopen naar het vanuit Noorwegen wel bekende hokje met daarin de houten plank met gat erin.

Niet gehinderd door ervaring stort ik me vol overgave op het aanmaken van de kachel (yes, ik heb weer energie over!). Duitse pelgrim Elli heeft me 2 jaar geleden voorgedaan hoe je zonder papier een houtkachel aanmaakt en het lukt me in 1 keer! We hebben alleen veel water in de ketel gedaan met als gevolg dat we pas na een uur aan de thee zitten. En ondertussen is de pipowagen omgetoverd tot een sauna. Ach ja, het blijft altijd een leerzame weg, die ‘camino’!

Dankbaar voor:

de drums, de basgitaar én de Noorse viool van m’n afspeellijst

de prachtige watervalletjes langs deze route

de mevrouw die mij bij aankomst op de camping een buisje vitamine C-tabletten heeft geschonken

het fijne restaurant op de camping

dat we thuis met de Quooker meteen kokend water hebben, zonder dat het huis 40 graden wordt

de ‘gapahuk’ waarin we lekker onze lunch op konden peuzelen toen het nog miezerde

de uitvinding van droogmaaltijden