Zondag 17 juli
We hebben beiden heerlijk geslapen op de bank. De verwarming hebben we aan gelaten vannacht, we hebben een extra dekentje erbij gepakt en daarmee zijn we prima de nacht doorgekomen. De temperatuur zakt hier al flink onder de 10 graden ’s nachts (gisteren was het zelfs maar 4 graden) en dat voel je.
Voor vandaag staan er maar 13 km op het programma, dus we doen het rustig aan. Volledig ongepland komen we om 11 uur aan bij de idyllisch gelegen kerk van Kolbu. Bij het aan komen lopen horen we de kerkklokken luiden ten teken dat de dienst begint. Een mevrouw die bij de kerk hoort vraagt of we ook de dienst bij willen wonen. Dat wil ik wel; Leo heeft er geen behoefte aan. Ik stap de kerk binnen en ga op 1 van de achterste banken zitten. Meteen komen 2 Noorse dames op me af met hun zangbundel om die aan mij te geven. Gebarend dat ik er met boek toch niks van begrijp gaan ze beiden met een glimlach op hun gezicht weer terug naar hun plaats. Een jonge, knappe vrouw is de voorganger van de dienst. Ik vind het heerlijk om naar haar Noorse klanken te luisteren. Maar waar ik vooral door geraakt wordt is de solo zangeres die zichzelf op de piano begeleidt. Als een nachtegaal zingt ze, zo zuiver. Evenals de piano, die is hier ook “zuiver” (gestemd). En zowel zij als de vrouwelijke voorganger stralen zo’n intense vrede uit; ze hebben beiden zo’n warme blik. Terwijl ik de koppen tel in de kerk (12) zie ik ook weer de “kop” van Til, onze Duitse pelgrimsvriend. Vanavond hebben we dezelfde overnachtingsplek, dus vanaf nu zijn we weer herenigd.
De dienst is redelijk te volgen omdat het stramien van deze dienst hetzelfde is als bij een katholieke mis. Ik heb altijd gedacht dat protestanten niet ter communie gaan, maar hier in deze Lutherse kerk wel. Sterker nog, ze ontvangen niet alleen de hostie, maar elke kerkganger kan een klein kelkje nemen dat vervolgens wordt volgegoten met wijn, “het bloed van Jezus”.
Tijdens de dienst stuur ik Leo een berichtje dat de dienst zo mooi is. In de hoop dat hij ook nog komt, reageert hij daarentegen dat hij lekker aan de koffie met gebak zit. Ik zou niet weten waar, maar ik weet nu dat ook hij geniet. En dan is het helemaal goed om elkaar even los te laten.
Na de dienst worden we uitgenodigd voor… koffie met gebak in het nabij gelegen “praathuis”. En zo zit Leo voor de 2e keer aan koffie met gebak! De Noren zijn zo ontzettend aardig, ze laten je zo goed weten dat we welkom zijn en dat is zo fijn om te ervaren!



Met z’n drieën lopen we verderop. Het is bewolkt en daardoor best wel frisjes. Maar als je loopt heb je geen last van kou. De weidse uitzichten zijn overweldigend. Het zou me niets verbazen als we 50 km hemelsbreed ver weg kunnen kijken. Zo zien we in de (nabije) verte de volgende (witte) kerk liggen. Naast de kerk, in de “bygdestua”, slapen we. Een half uur vantevoren doe ik een belletje naar de vrijwilliger die ons zal verwelkomen. Ook bij de Noren geldt “afspraak = afspraak”, want als we aan komen lopen staat Steinar al op ons te wachten. Opgemaakte bedden (naar een heerlijk wasmiddel ruikend), een warme douche (fijn na 2 dagen zonder douche!), een zachte handdoek, een waterkoker met thee en oploskoffie, WiFi … we zijn in een waarlijk pelgrimsparadijs terecht gekomen!
Maandag 18 juli
Het heeft flink geregend vannacht en bij ons vertrek is het ook nog zwaar bewolkt. Vrijwillerster Åse zwaait ons uit. Zij maakt de ruimte weer schoon en klaar voor de volgende pelgrim.
23 Kilometers hebben we voor de boeg. Het is (voorlopig?) de laatste dag dat we samen met Til lopen, want Til vervolgt zijn weg aan de westzijde van het grote meer Mjøsa en wij steken over naar de oostzijde, naar Hamar. Uiteindelijk komt de westroute en de oostroute op hetzelfde punt uit, aan de bovenzijde van de Mjøsa, in Lillehammer. De oostzijde is 3 etappes langer, dus daarmee neemt Til een voorsprong.
Het is een pittige tocht vandaag. Met een opkomende blaar op mijn rechterhiel gaat er veel energie verloren aan het verbijten van de pijn. En dan blijkt ook nog eens dat een boer op de route niet (meer) wil dat je over z’n erf loopt waardoor we een heel stuk om moeten lopen over een asfaltweg. Het eerste gedeelte lopen we langs velden met onder andere peultjes, broccoli, bloeiende aardappelplanten en een graansoort (ik weet niet welke). Het tweede (grootste) gedeelte lopen we langs de Mjøsa, het grootste meer van Noorwegen. Een kristalheldere plas water. De zon heeft de bewolking inmiddels doorbroken. Onder de schaduw van de bomen volgen we zoveel mogelijk de kustlijn. Regelmatig moeten we via een trappetje de omheining voor de dieren passeren. Het wordt daarmee een behoorlijke work-out. De tussentijdse beloning is onze lunchplek op een heerlijk rustige plek aan de Mjøsa. Daar kan Leo meteen z’n favoriete bezigheid uitoefenen: het maken van een steenmannetje.
Goed moe bereiken we rond 17 uur ons hostel bovenin Gjøvik. Maar na een warme douche en even zitten voelen we ons al weer een heel ander mens. Ons laatste (?) avondmaal met Til vieren we met een goed voedende maaltijd in een Chinees restaurant. Wat hebben we het goed!




Dankbaar voor:
de engelenstem van de zangeres tijdens de kerkdienst
de pizzaservice die Steinar voor ons geregeld heeft
de oprechte interesse van de Noren in onze tocht
