Nieuwe schoenen 

Maandag 11 juni

Om half 9 voor de poort van de basiliek staan we Valérie op te wachten. Yes, daar is ze! Met broek én nog twee kadootjes: savon Violette (specifieke zeep uit Toulouse) en een blikken doosje met een afbeelding van Toulouse erop met daarin een paar bonbonnetjes. Wat vind ik het moeilijk haar los te laten! Maar een pelgrim komt aan en gaat weer weg, dus ook wij. We verlaten Toulouse te voet. Op de planning van vandaag staat dat we nog “boodschappen” gaan doen, te weten… nieuwe schoenen! Na 80 dagen met in totaal bijna 1.700 km lopen is het profiel van onze schoenen nagenoeg verdwenen. Bij mijn rechterschoen ben ik zelfs bij de hak door de zool heen. Zo kunnen we niet de bergen in.

We hebben via internet een outdoorzaak opgespoord, 10 km buiten Toulouse. We worden er vakkundig geholpen en laten ze er nu precies hetzelfde schoenenmerk hebben als Leo nu aan heeft (Scarpa)! We kopen beiden nieuwe Scarpa’s, maar nu een hoog model. Bij lage schoenen komt er vrij makkelijk een steentje in de schoen en met hoge schoenen wordt dit wat moeilijker. Leo vult zijn garderobe nog aan met een shirt en een (passende) afritsbroek. De broeken die hij nu draagt slobberen om zijn vermagerde lijf. Best spannend, verder op nieuwe, niet ingelopen schoenen. Maar volgens mij zijn onze voeten nu zo door-en-door getraind en daarmee gehard dat blaren er niet zoveel vat op hebben. Valt onder de categorie “de wens is de vader van de gedachte” ;).

We lunchen op een bankje aan de Garonne en lopen naar Muret, nog zo’n 9 km. Dit worden er uiteindelijk 17, want de “officiële” route (GR861) loopt anders dan ons blauwe lijntje op de GPS. Intussen is het gaan regenen, zo’n gordijn dat maar langzaam optrekt. Een mooie test voor de schoenen. Zijn we goed en wel een beetje opgedroogd, komt er nog een verrassing uit de lucht vallen: een pittige bui van maar 5 minuten maar die in 1x je tot op je ondergoed nat weet te maken. Jonge, jonge, en het parcours is daarbij ook nog eens zeer ongemakkelijk. We maaien ons met de armen een weg door een bospad.

Het is al half 7 voordat we goed nat aanbellen bij ons overnachtingsadres, dat ik via Airbnb gevonden heb. Blij dat we er zijn. We hebben een mooie grote kamer met eigen badkamer op de 1e verdieping. Het echtpaar helpt ons goed met onze natte spullen. Nadat we warm gedoucht zijn, moeten we weer onze natte schoenen aan om buitenshuis een hapje te gaan eten. Meneer geeft ons een goede tip voor een betaalbaar restaurant, 1,5 km verderop. “Dat moet er nog wel bij kunnen als je al vanuit Nederland bent komen lopen”, en gelijk heeft hij. Zo staat de kilometerteller op ruim 33 km voor vandaag, een ideale basis voor een heerlijke nachtrust!

Dinsdag 12 juni

Via Airbnb heb ik 2 adressen benaderd, maar helaas kunnen ze ons niet ontvangen. We gaan dus op pad zonder nog te weten waar we slapen vanavond. De pelgrimsroute tussen Toulouse en Saint-Bertrand-de-Comminges is vrij nieuw en staat daarmee nog in de kinderschoenen ten aanzien van de overnachtingsmogelijkheden voor pelgrims.

We lopen hoofdzakelijk over het asfalt en dat is maar goed ook, want voor vandaag is veel regen voorspeld. 

Voordat we Muret definitief verlaten, gaan we eerst bij het gemeentehuis een stempel halen en bij de supermarkt onze lunch. Bij binnenkomst van de supermarkt vragen we eerst bij de klantenservice of we de rugzakken af moeten doen. Nee hoor, “allez-y vous” zegt de medewerkster met een begrijpende glimlach. We verzamelen brood, beleg en drinken en sluiten aan bij de kassa. En ja hoor, daar gaan we weer… Of we bij de klantenservice onze rugzakken willen laten openen… Dit keer is het Leo, die uit z’n slof schiet. We hebben het notabene gevraagd! “Des règles…” is de onverbiddelijke reactie. De klant voor ons herkent ons Nederlands tegen elkaar. Het is een gepensioneerde vrachtwagenchauffeur die op Nederland heeft gereden met bloemen. Hij neemt het voor ons op, maar hij kan ook niet verhinderen dat Leo zijn rugzak moet openen. Eerst moet de regenhoes er vanaf. Vervolgens het koord losmaken om de zak in te kunnen kijken, maar de dienstdoende dame gelooft het verder wel. Wat een farçe!

Het brengt me van mijn stuk om de ene keer bij volslagen vreemde mensen thuis het volledige vertrouwen te krijgen en de andere keer in een winkel als potentieel crimineel te worden beschouwd.

Vanaf het moment dat we de supermarkt verlaten gaat het regenen en hoe! De lucht is bewegingsloos grijs. Er valt me een water! We komen pas in een dorp een overdekte plaats tegen om te kunnen lunchen, een “halle”. Er zijn geen bankjes. Dan maar zitten op de grond. We trekken onze drijfnatte regenjassen uit en doen ons donsjasje aan, want het is koud als je stil zit. En de regen blijft maar vallen. Het lijkt wel of het met honderden emmers per m2 wordt uitgestort. Het vooruitzicht om hier weer doorheen te moeten zorgt ervoor dat we dit uitstellen. We moeten uiteindelijk toch verder, dus daar gaan we weer… 

Gelukkig is het water boven een keer op en bereiken we redelijk droog het plaatsje Noé. 

Op naar het gemeentehuis om te vragen of er pelgrimsopvang is. Nee, dat zit op de lange termijn wel in de planning, maar daar hebben wij nu niets aan. De 2 dames van het secretariaat én de burgemeester denken over een oplossing voor ons. Diverse telefoontjes worden gepleegd, maar vinden geen gehoor. Totdat Marie-Laure van chambre d’hôtes L’Apouticayre wordt gebeld. Zij wil ons graag ontvangen. Ze woont op het platteland, maar wil ons graag komen halen en morgenochtend weer terugbrengen. Wow, wat komen we op een prachtplek terecht! Het is een verbouwde boerderij, zo sfeervol ingericht! Eigenlijk te luxe voor pelgrims… Marie-Laure ontvangt ons met koffie/thee, verzorgt onze was, helpt ons aan een lijst met adressen voor onze toekomstige overnachtingen en kookt heerlijk voor ons. We kunnen kiezen tussen lasagne of ‘varkenswangetjes’ met spaghetti. We laten ons verrassen en kiezen het laatste. Heerlijk!