Het wonder van Conques

We zijn als een blok in slaap gevallen. Deze gîte is een fijne plek, met name voor Fransen. In hun communicatie zijn ze niet ingesteld op mensen buiten de Franse grens.
Vandaag zullen we na een kleine 16 kilometer Conques gaan bereiken. Michel biedt op een opdringerige manier aan om de rugzakken er naar toe te brengen omdat hij naar de mis van 11 uur gaat. Wij zijn even klaar met de Franse afhankelijkheid, dus wij vertrekken met onze vertrouwde rugzak op de rug.
Afgelopen donderdag heb ik gebeld met de abdij in Conques om onze overnachting vast te leggen. Overnachten in deze abdij vormt voor ons een hoogtepunt op deze reis. We hebben vanuit vorig jaar zulke fijne herinneringen aan ons verblijf in de abdij. Het verbaast me dat reserveren niet mogelijk is. We moeten ons maar op tijd melden als we aankomen bij de abdij. Zo gezegd, zo gedaan. Rond 13 uur wandelen we vanaf grote hoogte Conques binnen. Prachtig hoe dit kleine plaatsje met z’n indrukwekkende abdij en kerk in een dal van omringende heuvels ligt. Het ontvangstbureau gaat pas om 14:15 u open, dus besluiten wij op de binnenplaats ons brood te eten. We zien enkele hospitaliers lopen en zij wensen ons stuk voor stuk met een lieve lach “bon appetit”. Er is nog 1 andere pelgrim, een oudere Fransman. Hij spreekt wel iemand aan en regelt daarmee (weten wij nu achteraf) zijn overnachting. Tegen 14 uur druppelen er meerdere pelgrims binnen en wij besluiten ons bij hen aan te sluiten. Geen van hen heeft een reservering. Zij blijken hun naam op een lijst geschreven te hebben. Op het moment dat wij dat ook willen doen zegt de hospitalier die erbij staat, dat ze geen bedden meer hebben. Alle bedden zijn vergeven. Ik heb me zo erop verheugd om hier weer te mogen overnachten dat spontaan de tranen in mijn ogen springen op het moment dat ons verteld wordt dat ze niets meer voor ons kunnen betekenen. Ze geven ons wel een alternatief adres. Wow, dit is een flinke les in ‘omgaan met teleurstellingen’…
Het lukt ons om een nieuwe overnachtingsadres te regelen. We zetten er onze rugzakken neer en gaan het prachtige plaatsje in. We zoeken en vinden een paar geocaches en drinken koffie/thee bij een Nieuw-Zeelandse die een hotelletje runt onderaan het dorp. Dit doet me mijn teleurstelling bijna vergeten. We lopen weer terug naar boven, naar “het centrum” en we komen daar de oudere Fransman tegen. Hij zegt ons dat enkele hospitaliers van de abdij ons aan het zoeken zijn. Hij heeft bij hen ons verhaal nogmaals gedaan en als een “geschenk van de camino” bleken er nog 2 bedden vrij gemaakt te kunnen worden voor ons. Uit een andere straat komt een hospitalier met armen wijd op ons afgelopen, zo blij is ze dat ze ons gevonden heeft na overal gezocht en gevraagd te hebben. Dat is toch wel heel lief dat ze zoveel moeite voor ons gedaan hebben. Met de hospitalier lopen we terug naar de abdij en we worden nu met voorrang behandeld. Ze annuleren ook onze huidige overnachting. We halen er onze rugzakken op en installeren ons slaapzaal 1. Oh, wat is het weer heerlijk om de sfeer van deze bijzondere abdij te proeven!