Galicië

Maandag 06 augustus

Het is nog donker als de eersten opstaan. Op een gegeven moment is het zo’n geritsel en gefluister dat je er alleen maar op ligt te luisteren. Slapen lukt dan toch niet meer, dus kunnen we net zo goed zelf ook opstaan. Er is een “free breakfast”, ofwel je kunt een klein voorverpakt cakeje uit een doos pakken. Met wat water is dat de basis waarop wij nog voor 07:00 u weer aan de wandel zijn. Het is nog schemerig en door de mist is het een kleine wereld om ons heen. We zoeken in Tapia naar een barretje dat open is, maar helaas, alles is gesloten. Dan zo maar op pad. Als doorgewinterde pelgrims kunnen we inmiddels wel wat hebben. We weten dat het altijd weer goed komt, dus vandaag vast ook.

Gisteren zijn we van de historische caminoroute afgeweken om naar de albergue op de bijzondere locatie aan zee te gaan. Vandaag pakken we met een eigen route van zo’n 5 km de historische route weer op. Handig dat we onze GPS bij ons hebben. Elk weggetje of zandpad is voor ons vindbaar.

Het kadootje van zo vroeg vertrekken is een prachtige zonsopkomst, net zichtbaar door de mist heen.

We verlaten nu definitief de kust aan de noordkant van Spanje. We gaan nu zuidwestwaarts richting Santiago de Compostela! Een bord geeft ons aan dat Santiago nog 209 km van ons verwijderd is. Tot op heden zijn we helemaal niet bezig geweest met de nog resterende kilometers. Langzaam maar zeker begint het tot ons door te dringen dat we aan de laatste wandelweken bezig zijn…

De route is op enkele stukken weer flink modderig. Het blijft een kunst om hier elke keer weer doorheen te komen.

Tijdens onze 1e pauze geen Napolitana, maar een mueslireep en een handje nootjes. We zullen het tot aan de eindstreep vandaag zonder eten moeten doen, want we komen geen barretje of supermarkt meer tegen. En dat blijkt best goed te doen voor een keertje. 

Als we de eindplaats Vegadeo al in zicht hebben passeren we een huis waar een jong meisje buiten aan het spelen is. Ik zeg haar ‘hola’ en er komt een bescheiden ‘hola’ terug. Nog geen 500 meter verderop zien we een bankje om even op uit te rusten. Zitten we goed en wel, stopt er een auto en reikt de bestuurster ons een fles gekoeld water aan, net nu ons water ook echt op is. Ik pak het aan en zie tegelijkertijd dat meisje op de achterbank zitten. Wat lief! Zo zie je maar dat vriendelijkheid met vriendelijkheid beloond wordt!

Rond 12 uur bereiken we na ruim 20 km de gemeentelijke albergue waar we willen slapen. De herberg gaat pas om 15 uur open. We parkeren op het pleintje achter de albergue onze rugzakken onder de waslijn. We gaan eerst een hapje eten, een menú del día. Nadat onze magen goed gevuld zijn en we nog wat rondgelopen hebben in het levendige stadje keren we terug naar de herberg. Een klein vrouwtje met een prachtige lach, Liliam, ontvangt ons in de nieuwe herberg. We zijn de eerste Nederlandse pelgrims! Zowel de slaapzaal als de douches zijn royaal. De inrichting heeft een ZEN-sausje. Zo liggen er veel hoopjes stenen, klinken er mantra’s door de geluidsboxen en verkoopt ze edelstenen.

We douchen, wassen en doen een dutje. ‘s Avonds bereidt Liliam een heerlijk vegetarische, biologische maaltijd. De herberg heeft plaats voor 23 pelgrims, maar we zijn vandaag maar met z’n vieren. Naast ons nog een Fransman en een Spanjaard, beiden jonge knullen die weinig behoefte hebben aan contact. Ze nemen zowel ‘s avonds als de volgende ochtend niet deel aan de maaltijd. Ieder z’n eigen camino…

Dinsdag 07 augustus

Vanuit de albergue start meteen een flinke klim. Al snel zijn we ver boven Vegadeo uit gestegen, met een allerlaatste blik op de uitloper van de zee. Nu zullen we tot Fisterra moeten wachten voordat we de zee weer gaan zien.

We klimmen vandaag maar liefst 760 meter en dalen er 580. En dat over prachtige groene, brede paden, waar het doodstil is. We horen alleen onze eigen voetstappen. Aan weerszijden van de bospaden komt de paarse heide er goed door.

Zodra we over de brug komen waaronder Rio Eo stroomt, steken we over naar de laatste Spaanse regio die wij aandoen: Galicië. 

We pauzeren even bij een terras van een dicht restaurantje. Op het moment dat we daar vertrekken begint het te spetteren. Ha, staat Galicië daar niet bekend om? Om z’n vele regen…? 

Het eerste dat ons opvalt in deze nieuwe regio zijn de prachtige betonnen wegwijspaaltjes met daarop het aantal kilometers vermeld die ons nog resten tot Santiago. De afstand staat er tot op de meter aangegeven. Bijzonder… 

Een tweede opvallend iets is de vorm van de hórreo’s, de graanschuurtjes. Die zijn hier rechthoekig in plaats van vierkant, zoals in Asturia. Ook wordt hier een combinatie van steen en hout gebruikt, terwijl ze in Asturia volledig van hout waren. En het derde dat ons opvalt is het ontbreken van hekwerk en afrastering rondom de huizen. Tot op heden stonden we er soms versteld van hoeveel hekwerk inclusief videobewaking rondom de meest simpele huizen kon staan. Hier is dat compleet anders. Maar… dit heeft ook consequenties voor de honden waarvan we tot op heden gewend waren dat ze achter een hek stonden en dus niet bij ons konden komen. Bij één huis komt er hond van het erf af en ja, deze bijt Leo lichtjes in zijn enkel. Vanaf nu zijn we toch net iets meer op onze hoede.

De regen zet niet door. De zon wint van de wolken. We kunnen lunchen in een heerlijk schijnend zonnetje, zodat ook onze regenkleding goed droog kan worden. Qua temperatuur kunnen we het goed hebben. Veel meer dan 20 graden zal het hier niet zijn. Overigens wel een heerlijke looptemperatuur.

Rond 14:30 u komen we aan in Trabada. Doordat geen meter vlak was is het een pittig tochtje. We trakteren onszelf op iets te drinken bij een barretje. De albergue voor vandaag (de enige op deze route) zit nog 3 km klimmen verderop.

Onze komst wordt aangekondigd door de 2 honden die bij Casa Xico horen. José verwelkomt ons in het Engels. Ik laat hem het schelpje zien dat we op 27 juli van z’n vriendin Montse hebben meegekregen en hij is er helemaal vervuld mee. We mogen het schelpje houden, maar vol trots maakt hij eerst een foto ervan met ons erbij om naar haar door te sturen.

Hij heeft een deel van zijn huis omgebouwd tot pelgrimsverblijf en doet alles op donativobasis. Hij heeft 10 slaapplaatsen, waarvan er 4 bezet zijn. We kunnen nog net beiden een benedenbed bemachtigen. Later komen nog 3 jonge Spaanse fietsers aan, die de bovenbedden zullen bezetten.

We douchen, wassen en gaan op bed lekker lezen. José kookt ook voor ons. We zouden er niet aan moeten denken terug af te moeten dalen (en dus ook weer stijgen) naar het dorp.

José heeft een heerlijke pasta gekookt met daarbij een lekkere salade.

Tijdens het eten wordt er natuurlijk volop over de Camino gesproken. Omdat wij niet zoveel fietsers treffen hebben wij veel belangstelling voor hun tocht. Zij zijn 10 dagen geleden in Irun gestart en hopen over 3 dagen in Santiago te zijn. Ook voor hen zijn de afgelopen kilometers erg zwaar. In plaats van 80 kilometers of meer halen ze er nu ook maar amper 60. Als het gesprek vervolgens op onze tocht terecht komt straalt het ongeloof van de gezichten. Dat er mensen zo gek zijn om zoiets moois gewoon te doen… Voor alle anderen aan tafel echt een droom en een mooi moment om te gaan slapen.

Woensdag 08 augustus

Ook voor vandaag staat er veel klimmen en dalen op ons programma, 680 meter stijgen en 720 meter afzakken. Dat dalen is misschien nog wel vervelender voor de gewrichten dan het klimmen. Regelmatig moeten we even stil houden om de knieën rust te geven. 

Het is mooi, helder weer als we vertrekken en zo’n 20 graden. Ideaal! Na de eerste heuvel bedwongen te hebben komen we in een plaatsje met een mooi kasteel, maar verder is het er doods. Zelfs geen barretje te bekennen terwijl er toch heel wat huizen staan. Na een paar kilometer redelijk vlak dit plaatsje te hebben doorkruist maken we ons op voor de tweede heuvel. Vooral de afdaling ervan is lang. We gaan de autosnelweg onderdoor, die ver boven ons ligt. Dat blijft toch indrukwekkend, hoe hoog die pilaren zijn!

In het begin van de middag lopen we Mondoñedo binnen, de eindplaats voor vandaag na een kleine 20 km. Een toeristisch plaatsje met diverse overnachtingsmogelijkheden. We willen graag weer eens een 2-persoonskamer en gaan hiervoor te rade bij de VVV. De dame bij de VVV prijst ons de pelgrimsalbergue vol lof aan, maar daar hebben we echt nu even geen zin in. We willen even geen stapelbed zonder enige vorm van privacy. Ze belt de ene na de andere accommodatie af, maar alles zit vol. Tot het laatste pension, dat ze belt! Die hebben nog een 2-persoonskamer! Heerlijk. Er zit ook een restaurant aan verbonden, dus we kunnen er ook eten. Daar hebben we wel zin in na zo’n pittige wandelochtend. Ze hebben er een goede dagmenukaart. Er staat zelfs kalfstong tussen. Mmm… die laten we ons goed smaken!

Na het eten lopen we naar de naastgelegen supermarkt voor de lunchinkopen voor morgen. Leo keert terug naar het pension en ik doe nog een rondje dorp. Er staat een mooie kathedraal in het centrum en ik loop nog over de oude begraafplaats, waar de personen gecategoriseerd liggen op stand. De rijke lui boven, het “gewone” volk ligt een etage lager. Zo ging dat hier vroeger.

Ik ben goed en wel terug op de kamer of de regensluizen gaan weer open. Heerlijk, als je binnen zit!

Voor het avondeten kunnen we om 21 uur terecht, maar we zijn beiden nog voldaan van de middagmaaltijd, dus die laten we aan onze neus voorbij gaan. Lekker luisterend naar de regen door het openstaande raam gaan we de nacht in.