Door de Middeleeuwen 

Zaterdag 26 mei

Met een kleine klim van nog geen paar 100 meter kijken we nog eenmaal terug op het schilderachtige plaatsje Saint-Chely-d’Aubrac.

Het is zonnig en warm, maar er staat een harde wind, die voor verkoeling zorgt. We lopen eerst door een prachtig donker bos, waarna we over heuvels verder gaan.

We dalen maar liefst 1.055 meter en stijgen er ruim 500. Onze overnachtingsplek ligt op ruim 300 meter. Het verschil in temperatuur voel je in vergelijking met de hoogvlakte van de Aubrac waar we enkele dagen geleden boven de 1.300 meter rondliepen. Regelmatig wisselen we stuivertje met de groep Franse nichtjes, die zich met het pelgrimslied Ultreia al luid zingend voortbewegen. Zo vrolijk!

We passeren weer de mooiste flora, zoals een struik vol jasmijnbloemen. Doet me meteen aan m’n lievelingsthee denken. Het is hier paradijselijk!

Onze lunch gebruiken we in het Middeleeuws plaatsje Saint-Côme-d’Olt. Smalle steegjes leiden ons naar prachtige bouwwerken. Heel sfeervol. Bij de VVV halen we daarom een stempel op voor in onze credencial. Pas tegen 15 uur verlaten we het dorpje over een prachtige Romaanse bogenbrug. We hebben er weer lekker de pas in totdat we vanuit de heuvels een hoop lawaai horen aankomen. We herkennen koeienbellen. Zou dit een voorproefje zijn op het jaarlijkse Transhumance-gebeuren? We kijken elkaar aan en spreken tegelijkertijd uit dat we terugdraaien naar de brug! En ja hoor, met bloementooien versierd komt de koeienoptocht voorbij. Ze hebben weinig aansporing nodig en lopen keurig door. Leuk om nu in het echt gezien te hebben in plaats van alleen in een foldertje.

We krijgen weer een fikse klim voor de kiezen. Best zwaar, zo aan het eind van een lange etappe. Langs de oevers van de Lot lopen we Espalion binnen, weer zo’n stadje met een binnenkomst over een schitterende Middeleeuwse bogenbrug.

We verblijven in gite La Halte St Jacques op basis van halfpension. Een fijne formule, want na een dag lopen heb je niet altijd zin om er weer apart opuit te gaan om een restaurant te (be)zoeken. Bovendien is het eten beter afgestemd op wandelaars. En niet in de laatste plaats, je zit samen met “lotgenoten” aan lange tafels, wat heel gezellig is/kan zijn.
We slapen op een 4-persoonskamer, waarvan 3 bedden bezet worden, door ons en een sympathieke Amerikaanse dame [Massechusettes]. Ze verontschuldigt zich bij voorbaat voor haar snurken. En proefondervindelijk hebben we vastgesteld dat snurken absoluut haar talent is. In 1 nacht heeft ze heel het bos van de Morvan doorgezaagd… En Leo weet nu zeker dat hij op een slaapzaal oordopjes in moet doen. 

Zondag 27 mei

Voordat we vandaag vertrekken gaan we eerst nog langs de kamer van de groep Franse nichtjes. Voor hen eindigt hier in Espalion hun wandelweek. Wat is het fijn om hen ontmoet te hebben! Het voelde zo vertrouwd om hen rond ons heen te hebben. Op het moment dat ze ons uitzwaaien krijg ik een gevoel van weemoed over me heen. Alsof we “alleen” verder moeten. Heel misschien gaan we 1 van hen, Sabine, zien in Spanje. In augustus gaat ze met haar man (met de auto) naar Santiago de Compostela. We zullen zien…

Na het passeren van een prachtig Romaans kerkje gaan we stijgen. 

Een pittige klim door vette rode klei met stenen op kniehoogte. En dan begint het te spetteren. In tegenstelling tot gisteren is het windstil. Wordt de wolk boven ons te vol, dan laat ie iets vallen. We weten de regen een paar keer te ontwijken door net op tijd te schuilen onder een boom of een afdak. Totdat het echt losbarst, geen regen maar hagelstenen, gemiddeld 8 mm (volgens Leo). Nu moet toch echt het regenpak aan. Niet echt lekker, nu het zo benauwd warm is. Het onweert van tijd tot tijd.

We passeren idyllische plaatsjes, zoals het dorpje Estaing. Zelfs met donkergrijze wolken erboven is dit dorpje een plaatje.

We lopen vandaag veel langs de rivier de Lot, totdat we die weer verlaten en maar liefst binnen 5 km 300 meter gaan stijgen. Een pittige klim en onze energie neemt zienderogen af. We passeren vele wegkruizen, kenmerkend voor dit traject dat wij vandaag afleggen.
Eenmaal boven zien we alle waterdamp optrekken. Wat een fantastisch natuurverschijnsel!

Zes kilometer voordat we bij onze overnachtingsplaats aankomen is er een camping met een bar. Daar gaan we eerst wat drinken en nog een laatste stukje stokbrood eten. Dit hadden we vanmorgen nog van de eigenaresse van de gite toegestopt gekregen. Dat scheelt! Even lekker zitten, wat opdrogen en enkele calorieën naar binnen schuiven. Het is een lange tocht vandaag (30 km) en het allerlaatste stuk valt ons zwaar. Ook op het laatst is het weer klimmen geblazen om uiteindelijk bij camping ‘Belle Vue’ uit te komen. Daar komen we pas rond half 7 aan. Op deze camping hebben we een slaapplaats in de gite. Op onze kamer staan 6 bedden, waarvan er 5 bezet zijn. Er is 1 stopcontact en de Franse dame wier bed er het dichtst bij staat, claimt deze voor haar telefoon. Bijzonder…
Positief bijzonder is het dat we lekker en gezellig eten in het restaurant op het terrein van de camping. Bij het afrekenen krijgen de dames een roos mee, want vandaag is het moederdag in Frankrijk. Een attent gebaar!

Maandag 28 mei

Vandaag is er veel regen voorspeld en die krijgen we ook! Het is niet koud, dus als het even niet regent, is het regenpak veel te warm om aan te houden. Uiteindelijk hebben we 3x onze regenkleding aan- en uitgetrokken!

Als pelgrim ontvang je niet alleen, maar geef je ook. Vanochtend heb ik zo’n kans. Wij verlaten als laatste de gite en de schoonmaakster is al bezig. Ik loop nog even naar boven om haar de roos te geven. Ze is blij verrast.

Blij verrast zijn wij wanneer we halverwege de ochtend een gezellig zitje tegenkomen, speciaal voor pelgrims, met koffie, thee, zelfgebakken bananenbrood en mueslirepen. Dat is lekker! En dat alles voor een vrijwillige bijdrage [donativo]. We nemen even tijd voor pauze. Dit zijn zulke mooie, onverwachte Camino-kadootjes!

De 30 km-route van gisteren zit bij Leo nog in zijn benen en dat maakt dat hij het lichamelijk zwaar heeft. Gelukkig is het vandaag een relatief gemakkelijk parcours. Het is vooral de onderbreking door de wissel van de regenkleding die extra energie vreet. Tegen de tijd dat we willen lunchen komt de regen met bakken uit de lucht. Gelukkig staat in Sénergues de kerk open en daar peuzelen we onze lunch op.

In de kerk horen we hoe buiten de vogeltjes vrolijk kwetteren, het teken dat het weer droog is. We pakken ons natte boeltje op en vertrekken voor de laatste 9 km. Als we naar de lucht kijken, zien we dat we naar het licht lopen. 

Achter ons is het goed grijs en rommelt het. De grijze lucht is een goede aanjager en de kilometers verdwijnen onder onze voeten. We worden ingehaald door de regen, dus schieten weer gauw ons regenpak aan. Het komt met bakken uit de lucht gevallen. De laatste 2 km is steil dalen langs een modderig pad met gladde stenen.

En dan komen we het plaatsje Conques binnen, voor velen het eindpunt van de pelgrimsweg vanaf Le-Puy-en-Velay. Be-to-ve-rend mooi! Zelfs langs de randen van onze capuchons, want verder kunnen we niet kijken. Als 2 verzopen katten komen we de abdij Sainte-Foy binnen. Naast de paters werken hier vrijwilligers om pelgrims op te vangen. Eén ervan is een Nederlandse man, Freek. Ah, dat is fijn! Nederlandse begeleiding! We hebben een kamer voor 2 personen, met eigen douche, maar zonder toilet. Het is weer een kunst om alles gewassen en gedroogd te krijgen.

Om 19 uur gaat de eetzaal open en stromen zo’n 80 pelgrims naar binnen. Er volgt eerst een welkomstwoord met -lied, begeleid op de harmonica. Dit in plaats van een gebed. En wij worden wederom apart in het zonnetje gezet vanwege onze afgelegde kilometers tot op heden. Maar we zijn nu niet de enigen, die uit Nederland zijn komen lopen. Er is nog een Nederlandse jongen (Stefan, 23 jaar), die al enige oploopt met een Belgische jongen (Simon, 25 jaar). 

Na het eten maken we kennis met elkaar. Wow, 2 goedlachse kerels met harten van goud! En het toeval (?) wil, dat Stefan ook via Lourdes naar Santiago de Compostela gaat. Dit is weer heel bijzonder! We hadden van de Franse nichtjes gehoord dat er een Nederlandse jongen zich op de route bevindt die bijna dezelfde route loopt als wij, maar die langere dagetappes maakt. Niet voor mogelijk gehouden dat we hem zouden kunnen ontmoeten, want hij zit voor ons. Dankzij Stefans rustdag hebben we elkaar dus nu toch kunnen spreken.

Na het eten gaan we naar de kerk voor de pelgrimszegening, met aansluitend een uiteenzetting over de kerk én… een orgelconcert in de kerk. 

We weten beiden niet wat we horen als het orgel inzet. De klank van het orgel in combinatie met de muzikaliteit van de pater-organist weet me zo te raken dat de tranen over mijn wangen biggelen. Het is zo mooi en het totaal maakt zo’n emotie bij me los! Het repertoire varieert van zwaar klassiek tot aan het nummer van The Animals, House of the rising sun. En dat in een kerk met zo’n akoestiek! Als het concert afgelopen is kun je een speld horen vallen; ik krijg weer kippenvel als ik dit opschrijf…

Als toetje krijgen we nog een lichtshow op het gedetailleerde beeldhouwwerk boven de kerkdeur. We wisselen met Stefan onze reiservaringen uit en gaan zeer voldaan slapen…