Door de Aubrac

Niet alle bakkers blijken al om 6 uur hun winkel te openen. Daar kom ik achter als ik om 7:15 u voor een gesloten deur sta. Gelukkig is het maar een kwartiertje wachten; kan ik mooi de zon vanachter de heuvels op zien komen.
De 17 kilometer lange route tussen Nasbinals en Saint Chely d’Aubrac behoort tot Unesco werelderfgoed. En dat in combinatie met een volledig onbewolkte hemel is het lopen vandaag één groot feest.
De eerste helft lopen we over een zwak glooiend en weids landschap. Regelmatig moeten we door poortjes en hekjes die we elke keer goed achter ons moeten sluiten. We komen ontzettend veel kuddes koeien tegen, die zich tegoed doen aan de groene, kruidenrijke weides. Eén keer moeten we ze van heel dichtbij passeren, maar ze kijken niet op of om. Ze zijn waarschijnlijk veel pelgrims gewend. De sprinkhanen springen af en aan om onze voeten. Er zitten flink grote exemplaren tussen.
We bereiken bijna 1.400 m hoogte en daarmee het hoogste punt van de totale route.
Ongeveer halverwege onze route van vandaag komen we aan in het plaatsje Aubrac. Hier nemen we onze ‘pain au chocolat’ – pauze. We nemen ook nog even een kijkje in de kerk uit de 13de eeuw.
Na Aubrac is het nog zo’n 8 km dalen naar Saint Chely d’Aubrac. Ik krijg er pijn van in mijn nek, om zo naar de grond te kijken bij het dalen. Het zijn meestal paden met veel (losse) keien. Zeker als het wat steil daalt is het oppassen waar je je voeten neerzet.
Tegen 15 uur lopen we het zeer zonnige Saint Chely binnen. We hebben een 2-persoonskamer gereserveerd met halfpension bij de dame die ons vorig jaar ook van onderdak heeft voorzien.
Ik zit eigenlijk nog zo vol energie dat ik in de 2e helft van de middag nog een wandelingetje ga maken. Leo houdt z’n gemak en ik ga, nu zonder rugzak, weer op pad. Hemelsbreed tweeënhalve kilometer verderop zou een geocache moeten liggen. Dat wordt m’n doel. Uiteindelijk blijkt het een lange klim van vierenhalve kilometer te zijn, maar ik geniet ervan. Zeker van de wandeling terug, dat gaat makkelijk bergafwaarts.
Om 19 uur worden we aan tafel verwacht. Het wordt geserveerd op het miniterras achter het pand. Daar hebben we wel een fleecevest bij nodig, want als de zon achter de heuvels verdwijnt is het frisjes.
Na een smakelijke maaltijd doen we nog een klein rondje dorp. Na alle kilometers vandaag zal het slapen wel goed lukken (alsof dat anders een probleem is….)
.