Contrast

Maandag 30 juli

Nog voor 07:30 u verlaten we stilletjes de hospedaje. Wat is dat een prima plek voor een bezoek aan Oviedo!

Aan het einde van de stad ontbijten we in een barretje. En niet lang daarna zitten we al weer in landelijk gebied. De stad aan de noordwestkant  uitlopen is veel aangenamer dan de stad inlopen door het industrieel gebied aan de oostkant. Het zonnetje schijnt lekker en het is zeker niet te warm.

Regelmatig lopen we door bosrijk gebied, vooral gebied met hoge eucalyptusbomen. Dat ruikt zo lekker om daar doorheen te lopen.

Om aan de kust te komen moeten we een heuvel over, maar deze valt qua beklimming reuze mee.

Wanneer we de heuvelpas over zijn, lunchen we op een stenen trapje in de schaduw van een huis, want in de zon is te warm. We leggen wel onze gewassen en ongewassen sokken in het zonnetje, zodat het vocht sneller verdampt.

We eindigen vandaag in Avilés, een tocht van 29 km. De laatste 11 km zijn oninteressant, want dit is één rechte streep langs een autoweg. Gelukkig wel met een aparte voetgangersstrook. Maar het is niet leuk lopen, zo achter elkaar met naast je het voorbijrazende autoverkeer.

Net voordat we de albergue bereiken kunnen we weer een mijlpaal vieren: 2.700 km! Het gaat hard met die kilometers…

We komen terecht in een kerkelijke pelgrimsopvang. Het is een massaal gebeuren: 48 mensen in één slaapzaal. Omdat we voor pelgrimsbegrippen aan de late kant zijn, zijn er alleen nog bovenbedden over. Gelukkig kunnen we er 2 vinden in de buurt van een raam. Hebben we in ieder geval frisse lucht.

Vlak voordat bij de albergue aankwamen, hebben we een restaurantje gezien waar ze paëlla hebben. Daar hebben we zin in, dus daar gaan we ‘s avonds naar toe. Het is lekkere paëlla. Misschien zouden ze er ook lekkere toetjes gehad hebben, maar de bediening was weer zo abominabel onklantvriendelijk, dat we dat er maar bij hebben laten zitten.

Dinsdag 31 juli

Vanaf 5 uur is het al een geritsel met plastic zakjes en schijnsels van headlights van pelgrims die zich opmaken voor een nieuwe wandeldag. Diverse alarmen van telefoons gaan af, terwijl hun eigenaren doorslapen of elders zijn. Tja, ontspannen wakker worden is het niet met zoveel mensen in 1 ruimte. Het is mooi dat er dit soort (goedkope) opvang is, maar het heeft voor ons zeker z’n prijs. Geen privacy, geen stoel om zelf te zitten of iets op te leggen. Sanitaire voorzieningen die je met velen moet delen, wat met name bij de vrouwen betekent dat je in de haren staat te “dabberen”. We zijn in staat onze rugzak blindelings in te pakken en dat is maar goed ook, als dat allemaal in slechts het schijnsel van je headlight moet gebeuren.

We zijn dus blij dat we de albergue kunnen verlaten. Bij een barretje pakken we een ontbijtje. Dit is de enige mogelijkheid, want de supermarkten gaan pas vanaf 9 of soms 10 uur open.

We lopen Avilés uit en zien dan pas haar charme. Wij hebben gisteren alleen de weinig fraaie hoogbouw gezien. Het hart van de stad daarentegen herbergt veel moois uit vroeger tijden.

Het miezerregent en alles om ons heen doet somber aan. In het eerstvolgende stadje doen we onze lunchinkopen. Rond 11 uur houden we pauze met onze ‘pain au chocolat’ ofwel ‘chocolatine’, dat hier ‘Napolitana de chocolate’ genoemd wordt. Gelukkig is de regen inmiddels opgehouden.

Het is veel onverhard pad. Het balanceren over de stenen vraagt concentratie en vinden we afwisselender dan het lopen over het saaie asfalt. Het enige is dat je concessies moet doen ten aanzien van de snelheid. Halen we op asfalt ruim 5,5-6 km per uur, op onverhard pad zullen we net 4 km/u halen. En dan moet het niet al teveel stijgen of dalen. Voor het eerst in 5 dagen krijgen we af en toe weer eens een glimp van de oceaan te zien. 

Na een kleine 22 km zijn we waar we willen zijn, in Muros de Nalón. We hebben een commercieel hostel op het oog en we hopen dat ze nog stapelbedden vrij hebben. De Engelssprekende jongedame bij de ontvangst bevestigt dat ze nog plaats heeft op de slaapzalen met de stapelbedden, maar voor een ‘couple’ als wij heeft ze een nog mooiere overnachtingsplek: in de meer dan 100 jaar oude hórreo! Zo’n oude graanschuur is ruim 4 meter in het vierkant, heeft een kleine deur, geen ramen en is net voldoende hoog zodat Leo binnen kan staan. Bij de deur moeten we allebei goed bukken. Deze is onlangs gerenoveerd en wordt sinds enkele dagen verhuurd. Wow! Een superoriginele plek voor ons tweetjes mét een heerlijk opgemaakt 2-persoonsbed! Dat is nogal een contrast met gisteren! Dit is op en top genieten!