Geluk

Chantal wenst ons alle geluk toe op onze verdere (levens)weg en ook vandaag mogen we weer ervaren dat het geluk met ons is.
Enkele dagen geleden heb ik het grote klooster (met 80 kamers) in Gramat gebeld om te vragen of we er kunnen overnachten. “Complet” is helaas ook hier weer het antwoord. Ik krijg een telefoonnummer van de tegenover gelegen gîte. Ook hier vertelt de aardige hospitalier dat ze vol zitten. Maar ze vraagt me om haar een kwartier later terug te bellen. Zo gezegd, zo gedaan. En ja! We kunnen komen. Ik begrijp dat ze iets speciaals heeft moeten regelen, maar het fijne ervan ontgaat me tijdens het telefoongesprek.
Vandaag arriveren we bij de gîte, en wat blijkt? Een hospitalier heeft haar (grote) kamer met privé badkamer aan ons afgestaan!
We voelen ons erg dankbaar, zeker na weer een pittig dagje wandelen.
Het zware zat ‘m vandaag niet zozeer in de niveauverschillen, maar in de lengte én de warmte. Het is hier rond de 30 graden (zonder wind) en zeker als je over een stukje asfalt loopt, lijkt het alsof je smelt. De rugzak wordt dan voor het gevoel eens zo zwaar.
In de vroege ochtend wandelen we eerst langs het kasteel van het plaatsje Lacapelle-Marival. Tegenover het kasteel is een pleintje met een bakker en een kleine supermarkt, waar we onze lunchinkopen doen. Bij de toeristeninformatie halen we nog een stempel op.
Daarna gaan we verder door het landelijk gebied. We zien nauwelijks een pelgrim lopen. Elke keer als we een fijn bankje in de schaduw zien staan, zouden we wel willen stoppen om er even lekker te gaan zitten, maar dat schiet natuurlijk niet op.
We steken het water van de L’Ouysse over, over een klein bruggetje met een Limburgs stechelke (een draaiboompje).
‘s Middags lopen we gelukkig veel over een bospad waar veel schaduw is. Het pad is aan beide zijden afgeschermd door een stenen muur. Het loopt vlot en zo schieten de kilometers lekker op.
Halverwege de middag schieten we nog een kerk in om er voornamelijk afkoeling te zoeken. We zien er hoe het felle zonlicht door de prachtige glas-in-loodramen schijnt. Zo mooi!
En zo bereiken we tegen half 6 onze gîte. Na het gebruikelijke ritueel van douchen en spulletjes wassen genieten we op een klein terrasje van de laatste zonnestralen van vandaag.
Rond 19:30 u gaan we aan tafel met maar liefst in totaal 21 personen. Een gezelschap van hoofdzakelijk Fransen, een Belgische, een Noorse, 2 Russen, 2 Zwitsers en wij. De hospitaliers hebben een geweldige maaltijd voor ons bereid waar we de rest van de avond over doen. Wij kunnen om 22:00 u fijn naar ons privé onderkomen.

Rocamadour

Om 8:00 u nemen we afscheid van hospitalier Dominique en lopen het stadje in voor onze lunchaankopen. Als we weer aanhaken op de route komen we Kristien uit het Noorse Oslo tegen. We lopen de eerste kilometers met elkaar op. Ons gesprek gaat van de Noorse olie tot schaatser Johann Olav Koss en van de elektrische auto’s in Noorwegen tot het feit dat Noorse automobilisten een flinke boete krijgen als ze niet heel erg tijdig stoppen voor een overstekende voetganger op een zebrapad.
Vandaag lopen we 13 kilometer naar Rocamadour, voornamelijk door een prachtige en heerlijk koele kloof. We dalen veel af en volgen de droge bedding van de rivier L’Alzou. We lopen zelfs door een voormalige watermolen, waarvan nu nog slechts resten zichtbaar zijn. De hoge rotswanden om ons heen zijn imposant en laten je hier heel klein voelen. Wat een overweldigende natuur! Als we de kloof uit zijn, lopen we in de volle zon richting Rocamadour, nog steeds met de hoge rotswanden om ons heen.
En zo beginnen we aan de beklimming van de eerste treden naar het centrum van het stadje Rocamadour, waar de grote basiliek Saint Sauveur met een bijbehorend heiligdom en kasteel tegen een hoge rotswand is aangebouwd. Het plaatsje trekt heel veel toeristen. Op Lourdes na is Rocamadour de meest bezochte bedevaartplaats van Frankrijk.
Het is vandaag ontzettend warm (boven 30 graden) en het beklimmen van alle treden met een zware rugzak kost ons veel energie. Gelukkig mogen we boven bij het heiligdom onze rugzak stallen. Het is nog maar net rond het middaguur als wij op een bankje lekker onze lunch gaan gebruiken. De rest van de middag verkennen we het stadje en hoppen van schaduwplek naar schaduwplek. Er zijn zoveel mooie elementen te ontdekken hier! Een kruisweg, de zwarte Madonna, oude Romeinse stadspoorten. Je valt van de ene verwondering in de andere.
In de tweede helft van de middag gaan we bij de christelijke pelgrimsopvang onze “Rocastella” ophalen. Als je kunt aantonen dat je minstens 100 kilometer bent komen lopen naar Rocamadour, krijg je dit attest. Precies dezelfde regel als waarvoor je in Santiago je “Compostela” kunt ontvangen. We hadden graag hier bij de zusters op de top van Rocamadour overnacht, maar toen ik enkele dagen geleden belde kreeg ik weer “complet” te horen. Nu geeft de beste man die ons de Rocastella uitreikt ons aan dat hij nog plaats heeft. Er heeft namelijk een groep geannuleerd. Wij hebben inmiddels een hotelletje gereserveerd voor onze laatste nacht in Frankrijk. Het hotel ligt tegenover het treinstation. Wij reizen met de trein terug naar Nederland, dus hoe ideaal kun je het hebben. Het treinstation (en dus ook het hotel) ligt een kleine 5 kilometer van Rocamadour vandaan. We lopen deze kilometers liever nog vandaag dan morgenochtend, in alle vroegte.

Op naar de beste gîte

We hoeven alleen de weg over te steken en we staan op het verlaten station van Roc-Amadour. We hebben 4 treinreizen in het vooruitzicht: van Roc-Amadour naar Brive, van Brive naar Parijs-Gare d’Austerlitz, van Parijs-Gare du Nord naar Antwerpen (met Thalys) en van Antwerpen naar Tilburg-Reeshof.
In Parijs hebben we 5 uur de tijd om van het station in het zuiden naar het station in het noorden te lopen.
Tegen 14:30 u binden we de rugzak weer om en starten we met het lopen langs de brede Seine. Ook hier in Parijs hebben we fantastisch mooi weer, wat een bofkonten zijn we toch. Al vrij snel wordt onze aandacht getrokken door de Notre Dame die flink in de steigers staat. We blijven nog even langs de Seine lopen en passeren enkele bruggen, waaronder Pont Neuf. Het is druk op het water met rondvaartboten, die stuk voor stuk overvol zitten.
Ik had geen idee (meer) dat Parijs zoveel moois te bieden heeft! Ik blijf foto’s maken… Indrukwekkend is de binnenplaats van museum het Louvre met zijn glazen pyramidedak. Alleen al voor de buitenkant is een bezoek aan dit museum het waard. Er vlakbij staat de Arc de Triomphe, weer zo’n imposant bouwwerk.
Het lopen door Parijs gaat veel makkelijker dan ik op voorhand had ingeschat. Je moet goed bij elkaar blijven vanwege de drukte; van het autoverkeer hebben we nauwelijks last.
We lopen met een ommetje door naar de Sacre Coeur bovenop een heuvel. Onze beenspieren zijn inmiddels zo getraind dat we de trappen moeiteloos beklimmen. Met ons gezicht naar de kerk zien we een prachtig gebouw, met onze rug naar de kerk kijken we uit over de miljoenenstad. Wat een stad, zo groot!
Rond half 18:30 u zijn we bij Gare du Nord. Voordat we om half 8 met de Thalys naar Antwerpen snellen, eten we eerst nog een lekkere vegetarische pasta buiten op het terras van een restaurant in de buurt.
Iets na 22:30 u stappen we uit op station Tilburg-Reeshof. Nog ruim 3 kilometer lopen en dan komen we aan bij de (voor ons) beste “gîte” die we kennen: THUIS!