Pasen in Wallonië 

Zaterdag 31 maart

Op Paaszaterdag wandelen we over een Bels Lijntje, niet tussen Tilburg en Turnhout, maar tussen Eghezée en Namen, de RAVeL nr 142. Een lange, rechte verharde weg, dus dat schiet op. Met een warm zonnetje bereiken we het prachtige herenhuis van Anne-Marie bij wie we mogen overnachten.

We twijfelen of we ‘s avonds de Paaswake bijwonen en we laten dit afhangen of er houten banken zijn of een meer comfortabele zit. Mazzel, het zijn stoelen mét een kussenzitting. Een kwartier voor aanvang van de dienst zijn wij haast nog de enigen in de kerk. En het worden er uiteindelijk ook niet heel veel meer. Anne-Marie blijkt de dirigente van het koor te zijn. De parochiegemeenschap is er hecht en we voelen ons er erg welkom. De liederen worden geprojecteerd op een groot scherm (kostenbesparing op papier) en de rest luisteren we naar de Franse teksten. Gelukkig is de strekking van het Paasverhaal in elke taal hetzelfde, dus we kunnen het redelijk goed volgen.

Zondag 1 april

Na een heerlijke nachtrust lopen we op 1e Paasdag een etappe van ruim 28 km langs de Maas [la Meuse]. Wat een prachtige panden staan er langs de rivier met zijn steile rotswanden!  Het lijken af en toe wel paleizen.

We passeren een Mondri(h)aan.

Op ons eindpunt in Anhée eten en logeren we bij Christine en Jacques. Geweldig dat ondanks het Paasfeest de opvang van pelgrims gewoon doorgaat! Deze mensen leven ervoor.

Maandag 2 april

Al gaandeweg leren we steeds beter te doseren met ons looptempo. Langzaam beginnen en als we warm gelopen zijn, het tempo wat opvoeren. Bij beiden voelen de onderbenen, met name de enkels, wat overbelast. Dus op 2e Paasdag lopen we maar 7 km, tot aan de abdij van Leffe. We kunnen beiden heel goed op karakter lopen en daarmee door de pijn maar dat is voor deze monstertocht geen goede strategie. Ruim voor 11:00 u zijn wij de abdij om de mis bij te wonen in een kerk prachtig in eenvoud. Na afloop van de mis vangt de gastenpater ons op en brengt ons naar de gastenrefter voor het warme middagmaal.

Daarna brengt hij ons naar onze slaapplaats, eenvoudig maar met prima sanitaire voorzieningen. We besluiten een middagdutje te doen, met de voeten goed omhoog op een stapel dekens. Rond 15:30 u lopen we het zeer nabij gelegen Dinant in om een lekkere Belgische chocoladewafel te eten, met als afsluiting een Leffe blonde.

Na het avondeten op de abdij blijven we nog een tijdje in de refter om wat te ontspannen, Leo met een boek over de abdij en Ellen met haar tekenboekje.

Op het moment dat we denken dat de paters gaan slapen willen wij ook naar ons gebouw gaan. Wat blijkt? De deur op slot… Dan maar door de kloostergangen via de kerk eruit proberen te komen. Blijken het “complies” net te beginnen. We krijgen de tekst van de liederen in ons gedrukt en mogen bij de paters in de houten banken vooraan zitten. Mmm, dat was niet helemaal de bedoeling. Gelukkig duurt het niet lang en kunnen we daarna naar onze slaapplek!
Dankbaar voor:

  • (zieke) Anne die ons vrijdagavond door de stromende regen naar het centrum van Eghezée heeft vervoerd
  • de zelfgebakken koekjes en de Houppe na de Paaswake van Anne-Marie
  • de bereidheid van Christine om voor ons op 1e Paasdag te koken
  • de enorme gastvrijheid van de paters van de abdij van Leffe

Banjeren door de modder

Dinsdag 3 april

Met een mooie stempel van pater Bruno van de abdij van Leffe in ons boekje trekken we weer verder. We lopen door Dinant en daarna langs de steile wanden door het bos langs de Maas.

Er komt een stukje wel heel dichtbij de Maas, maar die is uiteindelijk makkelijk te nemen. Het is vandaag flink regenachtig. We komen in Frankrijk, voor 1 dag! De laatste 7 km gaan moeizaam. Beiden hebben we veel pijn rondom de enkel. Tegen 17:30 u komen we bij de poort van het parochiecentrum in Givet aan. Gesloten. Gebeld en de Iraanse medewerker zegt eraan te komen. Hij laat ons een “hok” zien waar 3 bedden, 4 matrassen, 3 stoelen en een keukenblok staan. Allemaal erg dicht op elkaar en niet bepaald schoon. Met nog 2 pelgrims zitten/liggen met z’n vieren op een paar vierkante meters. Het echte pelgrimeren gaat beginnen, maar wij moeten nog heel erg aan de overgang wennen…

Woensdag 4 april

We besluiten om de dag te beginnen met een geocache bij een mooie toren vlakbij. De benen weten meteen weer wat klimmen is. We vervolgen onze weg langs de Maas over een lang graspad, totdat we langs de weg moeten lopen. Gelukkig niet lang. Dan wordt het een minder drukke weg. We hebben beiden veel last van een opgezette rechterenkel, dus de tocht verloopt zwijgzaam. Ieder bezig met z’n eigen lijf.

We klimmen de heuvels in, met een flink stijgingspercentage en volgen zo precies het lijntje van de GPS. Het lijntje leidt ons op een gegeven moment over een pad, maar we zien alleen een akker met van die plakkerige klei. We worstelen ons er doorheen, maar het gaat heel langzaam. Kilo’s klei blijft er aan de schoenen hangen. We zijn er bijna doorheen tot we bij het riviertje komen. Hmm, de keuze is of terug of door het water. We kiezen voor het laatste…

Daarna verloopt de route zonder verdere ongemakken. Al blijven de laatste kilometers (boven de 20) erg zwaar. We zijn dan ook blij dat we aankomen bij Hotel Le petit Mesnil.

Er lijkt niet meer gestoft te zijn nadat Napoleon vertrokken is. Maar er is warm water en het bed ligt prima. ‘s Avonds eten we beneden in het restaurant een heerlijke forel.

Donderdag 5 april

De eerste kilometers  zijn meteen klimmen geblazen. Hiermee wordt het 26 km naar Rocroy i.p.v. 31. In het eerstkomende dorp kopen we brood, een appelflap en ham. Zo, de lunch is binnen. Door een bosrijk gebied lopen we nu definitief naar Frankrijk. In het bos is het modderig, maar goed te doen.

In een verlaten feestschuur midden in het bos eten we onze lunch op, een mooie schuilplaats voor de regen. Het weer is vandaag halen en brengen, van hagel tot warme zonneschijn. Aan het einde van het bos smikkelen we bij een stapel boomstammen nog lekker onze appelflap op. Aan het einde van het bos staat de grenspaal. Hier eindigt de Via Monastica en begint een nieuw stuk pelgrimsroute, de Via Campaniensis.

Over de verharde weg lopen we rechtstreeks naar het vestingstadje Rocroy. Bij de VVV halen we eerst een stempel en kopen we het boekje van de Via Campaniensis. Hier staan o.a. alle mogelijke overnachtingsadressen in voor de komende 375 km totaan Vézelay.

We logeren op het centrale marktplein bij Hotel Le Commerce, een eenvoudig maar goed hotel.

We blijven hier een dag extra om wat bij te rusten en weer eens goed onszelf en onze spullen te wassen/verzorgen.

‘s Avonds trakteren we onszelf op kaasfondue in het restaurant van het hotel. We zijn de enigen in het restaurant. Daarna gaan we slapen en worden we rond middernacht beiden wakker van de dorst. Dat is de keerzijde van kaasfondue…

Dankbaar voor:

  • het uurtje zonneschijn op een regenachtige dag
  • de heerlijke forel
  • de rustdag in Rocroy

Rustig begin in Frankrijk

Vrijdag 6 april

Op onze rustdag komen we pas om 09:00 u aan het ontbijt. Ook nu zijn we de enigen. Een goed ontbijt, inclusief sinaasappel ;). Na het ontbijt lokt de zon ons naar buiten, maar de wind laat het nog steeds koud aanvoelen. Dus donsjasjes aan en aan de hand van een serie geocaches maken we een wandeling over de vestingwerken van het stadje Rocroy.

We doen lunchinkopen en eten deze op een bankje, uit de wind in de zon, op. Na nog een geocache in een grot gaan we rond 15 uur terug naar het hotel om wat op bed te rusten, blog bijwerken etc. Rond 19:30 u naar een gezellig restaurantje gegaan waar we heerlijke tagliatelle bolognaise met een beetje salade eten. Heerlijk.

Zaterdag 7 april

Deze morgen pakken we ons boeltje weer op en zorgen ervoor dat we iets na 09:00 u bij de Carrefour zijn voor de ontbijt-/lunchinkopen. Met een laatste blik op Rocroy eten we ons ontbijtje.

Vandaag lopen een relatief makkelijke route over veelal verharde weg. Links en rechts zien we of een mooi donker bos of de uitgestrekte vredige velden van het Franse platteland. De enige mensen die we tegenkomen zijn boeren op trekkers.

Na ruim 22 km komen we aan bij ons logeeradres van vanavond. Een prachtig verbouwde schuur met authentieke elementen! Geweldig! We worden uitgenodigd om op het zonneterras iets te komen drinken. Dat slaan we niet af! Marie en Jose (de eigenaren van deze B&B) hebben vrienden te logeren en wij doen gewoon mee. Prachtige wijnen en een heerlijk  4 gangen menu. Niet echt als pelgrim, maar wel heel erg leuk.

Gastvrijheid, vaak met een grote “G” 

Zondag 8 april

Vier paar damesogen staren ons nieuwsgierig aan. Om ons heen alleen het gezang van vogels, het opschrikken van een duif uit een boom en verder helemaal niets dan een vredig, groen heuvellandschap onder een warme zon. De koeien blijven staan en wij stappen verder.

Hoe mooi kan de zondag beginnen…

Al snel komen we op modderpaden terecht, maar het is een gradatie minder blubberig dan de afgelopen dagen.

We lopen veel over weilanden waar de boer met prikkeldraad een pad voor wandelaars heeft gespannen. Krak… Leo draait zich iets teveel om en hups een gat in het elastische materiaal van het vak waar zijn bidon zit… In het kader van zelfredzaamheid hebben we een klein naaigarnituur bij ons, dus Ellen “borduurt” de stof weer naar elkaar toe.

Rond 17:30 uur bellen we aan bij Karin en Ton Rolvink in Lalobbe. Deze Nederlanders verwelkomen ons zeer hartelijk. We worden overladen met goede zorgen (we maken kennis met de ‘flageolettes’ boontjes) en veel gezelligheid. Het is haast jammer dat we er maar één nachtje blijven…

Maandag 9 april

Na een heerlijk ontbijt gaan we weer op pad. Vandaag geen zonneschijn, maar wel een heerlijke temperatuur. De jas gaat na een half uurtje al weer uit, verder in shirt. Geen moeilijke etappe vandaag, dus we maken nog tijd voor een geocache. Die ligt op een prachtig uitzichtspunt, oftewel flink klimmen geblazen. Maar de beloning is dan zo zoet! Net dit ene uurtje laat zelfs de zon zich wat voelen.
Deze avond slapen we in het gemeentelijke pelgrimslokaal van Château-Porcien. De code voor de deur halen we op bij het plaatselijke café. We blijken de enigen te zijn deze nacht. Het is een gloednieuw onderkomen, en wat voor één!

Prachtig sanitair, goed-krakende stapelbedden én een zeer goed voorziene keuken!

We doen eens gek, we gaan zelf koken. De supermarkt zit slechts 100 meter verderop. En zo vieren we de mijlpaal van onze 400 km met een heerlijk bord farfalle met groentesaus!

Dinsdag 10 april

We beginnen met inkopen voor ontbijt en lunch en keren terug naar de gîte. We ontbijten met een lekker bakje zelfgezette koffie en thee. We vertrekken, maar voordat we het tempo erin gaan zetten, gaat Leo eerst naar de kapper. Het is immers weer 3 weken geleden ;)…

Kilometers lange plattelandswegen liggen voor ons. Op deze manier lopen we van kerktoren naar kerktoren, hier en daar een geocache meepakkend.

Vandaag hebben we geen overnachting gereserveerd. We hebben een hotelletje uitgezocht en als we er binnen komen zegt de eigenaar vol te zitten. Hij doet geen verdere poging ons verder te helpen, dus pakken we ons boekje met overnachtingsadressen erbij. Eerst trakteren we ons op dé specialiteit van de Franse Ardennen, een lekkere puddingkoek. We bellen een hotel, 2,5 km verderop en die wil ons graag ontvangen. Dus tanden op elkaar (of beter gezegd, de rug weer recht) en gaan. ‘t Is een prima adres waar we terechtkomen!

Dankbaar voor:

  • de feestmaaltijd bij Marie en José Lagard
  • de ontluikende lente
  • het beschuitje met pure hagelslag bij Karin en Ton
  • de gemeente Château-Porcien voor hun prachtige pelgrimsonderkomen
  • de kapper die meteen tijd voor ons nam

Reims

Woensdag 11 april

Op de begane grond van ons hotelletje bevindt zich een café annex sigaretten-, tijdschriften- en loterijverkooppunt. Daar staat ons tafeltje gedekt voor diner en ontbijt. Boven ons 2 grote schermen met enerzijds een diepgaand RTL-programma en anderzijds de uitslagen van de lotto. Werkmannen  met witte tennissokken beproeven hier hun geluk met krasloten en een glas bier. En op z’n tijd een sigaret buiten. Het valt ons op hoeveel er hier in Frankrijk nog gerookt wordt.

Met een stukje stokbrood met jam en een croissantje op, staan we voor 09:00 u weer bepakt buiten onder een strakblauwe hemel. Al snel lopen we weer tussen de onmetelijk grote akkers, waarop we soms de gewassen zien groeien.

Kilometers ver zien we de 2 grote torens van de kathedraal van Reims al liggen. Het is goed warm, heerlijk. Heeft wel als consequentie dat de rugzak nu op oorlogssterkte is…

Reims komt dichterbij en we lopen via voorstad Bétheny de stad van “l’ange au sourire” binnen. In het centrum van de stad ligt een prachtige gotische kathedraal met 2.303 beelden erin verwerkt.

Eén ervan is de engel met de glimlach, hét symbool dat de in WO I zwaar getroffen inwoners altijd vol goede moed zullen blijven. Van 14:00 u tot 16:00 u zit er in de kathedraal een ontvangstcomité voor pelgrimgangers. We halen er onze stempel voor ons pelgrimsboekje (Credencial del Peregrino).

Ze bieden ons hulp aan bij het vinden van een slaapplaats, maar wij zijn al voorzien. We blijven namelijk 2 nachtjes hier, een extra dagje om de stad eens goed te bekijken en wat rust te pakken. Het lopen gaat bij beiden zo voorspoedig; dat moeten we zo zien te houden! We hebben een slaapplaats op een perfecte locatie, op zo’n 100 m van de kathedraal (via Airbnb). We moeten nog even wachten op de host, dus pikken een terrasje in de heerlijk warme zon. Het lijkt wel zomer!

We eten ‘s avonds een heerlijke pizza gaan naar huis, mogen al onze was in de wasmachine doen en gaan heerlijk slapen.

Donderdag 12 april

De volgende ochtend is de lucht lichtgrijs in plaats van blauw en het duurt tot het einde van de middag vooraleer we de zon nog even zien. Op z’n Frans ontbijten we in de koffiehoek van de bakker. Daarna verkennen we het centrum van Reims door enkele multicaches te doen. Prachtige gebouwen trekken onze aandacht. We aanschouwen allerlei bouwstijlen, zoals Art Deco. ‘Les Halles’ is er een voorbeeld van.

En zo vliegt deze “rustdag” om. We houden aan het eind van de middag nog een siësta en schuiven aan het begin van de avond aan bij de Chinees, waar alleen Chinese gasten aanwezig zijn. Het lijkt wel of we in een documentaire van Ruben Terlou beland zijn…